Voeding vanaf 4-6 maanden, opvolgmelk en bijvoeding

Vanaf 4 - 6 maanden wordt over het algemeen gestart met bijvoeding. Vanaf die leeftijd stijgt de energiebehoefte en is bijvoeding nodig om de specifieke nutriƫnten binnen te krijgen. Bijvoeding kan worden gecombineerd met moedermelk. Bij flesgevoede baby's ouder dan 6 maanden, wordt in plaats van zuigelingenvoeding (0-6 maanden) dan voor opvolgmelk (6-12 maanden) gekozen.

Om te wennen zal bijvoeding, glad gepureerd, in kleine hoeveelheden worden gegeven. Veelal wordt in beginsel hapjes van fruit en/of groente gegeven. ook worden papjes gemaakt van moedermelk zuigelingenvoeding of opvolgmelk, verdikt door toevoeging van verkruimelde (glutenvrije) babybiscuits of (glutenvrije) granen. De textuur van de hapjes wordt langzaam steeds dikker en grover gemaakt. In een later stadium kan de bijvoeding ook stukjes bevatten. De speciale droge hapjes als kinderbiscuits of -rijstwafels kunnen uit het vuistje worden gegeten.

Als het kind kennis maakt met meer verschillende smaken op vroege leeftijd, zal het ook op latere leeftijd meer diverse smaken waarderen. Variatie in de bijvoeding op jongere leeftijd, resulteert in een gevarieerder dieet als volwassene.

Op de website van het voedingscentrum is veel informatie te vinden over bijvoeding.